Filosoferen over seksualiteit, oftewel: in hoeverre is seks(ualiteit) bespreekbaar in het onderwijs?

Het is verplicht om aan het thema homoseksualiteit aandacht te besteden in primair onderwijs. Ook is seksuele voorlichting verplicht. Beide zaken worden door de onderwijsinspectie meegenomen in hun alom gevreesde keuringsrondje.

Toch is dan de vraag: vanaf hoe oud? In welke mate? Hoe gedetailleerd dien je de kinderen te vertellen over bloemetjes en bijtjes, maar in feite: over piemels en vagina’s?
Niet alleen bij gelovigen, ouders of scholen, zit hier gevoelsmatig nog een behoorlijk taboe op. Logisch ook, want je wilt niet dat kinderen door imitatiegedrag of grenzeloosheid gênante scenes gaan trappen midden in de supermarkt.

Dat is terecht.
 
Er is een grote initimiteitsfactor die ons verbiedt aan de kassajuffrouw te informeren hoe haar seksleven ervoor staat. En daarbij is het zo dat bijvoorbeeld masturberen in het openbaar niet mag. (Waarom eigenlijk niet?) Dit maakt dat we vrezen dat kinderen door te horen over seks eerder geneigd te zijn om deze maatschappelijke grenzen te overtreden. Maar de vraag is of praten over seks wel aanzet om deze grenzen over te gaan of hen hier juist voor behoedt.
Ook is een risico dat de kinderen elkaar trauma’s zouden bezorgen door seksuele spelletjes. Op de onbespiede momenten achter het fietsenhok of op zolder. Wie kent het niet? Maar is dit gedrag bij ons vroeger bevorderd doordat er een taboe op lag, of heeft het taboe ons eigen wangedrag juist nog enigszins in toom gehouden?
Inderdaad moeten we kinderen leren niet te treiteren, pesten en machtsspelletjes te spelen. Maar betekent dat dat je kinderen van 10 jaar er juist nog lang niet over mag vertellen, zodat ze geen „vieze” spelletjes gaan spelen, of zou je juist ook de jongere kinderen éérder moeten vertellen wat er aan de hand is en ze zo mondiger en bewuster maken van hun eigen grenzen hierin?Wij opteren eerder voor het laatste. Juist omdat seksualiteit al een rol speelt bij de allerjongsten, ook al noemen we het dan nog niet zo, krijg je het toch nooit voor elkaar het thema dood te zwijgen en daarmee al het ongemak te voorkomen.
Juist het tegenovergestelde lijkt waar: door er niet over te praten geef je de impliciete boodschap mee, dat seks niet mag, zondig, schaamtevol is, met alle nodige beperking van gezonde seksuele ontwikkeling van dien.
Erover praten dus!
Maar… hoever moet je gaan?
 
Meegaan op het gemiddelde of op hoogste niveau van de klas, zoals bij meerdere vakken gebeurt. In deze is het schipperen. Kinderen hebben recht op de waarheid, maar zijn nog niet klaar om de details die voor veel volwassenen ook moeilijk te verwerken zijn, aan te horen. Maar kies je ervoor ‚het bespreekbaar te maken’ door neutrale filosofische gesprekken te begeleiden, dan kun je ook biologische vragen verwachten. Hoe kun je filosoferen over liefde, de puberteit, grenzen e.d. als ze niet weten wat ongesteld, seks en hormonen zijn.
Mogelijkerwijs onderscheidt je de feitenvragen van de filosofische vragen. ‘Hoe werkt ongesteld zijn?’ en ‘Kun je met jezelf seks hebben?’ zijn bijvoorbeeld feitenvragen. Maar: ‘Vanaf welke leeftijd mag je seks hebben?’ of ‘Horen liefde en seks bij elkaar?’ zijn filosofische vragen. Als de informatie die je geeft in de lessen laat volgen op vragen die zij zelf (anoniem via briefjes in een bus) stellen, sluit deze helemaal aan op de nieuwsgierigheid en het niveau in de seksuele ontwikkeling van de klas. Je dringt ze geen info op waar ze nog niet klaar voor zijn en tegelijkertijd schep je ook geen overbodige taboes door vragen niet te behandelen.Kinderen zelf weten niet waar de grens ligt. Als de vraag over ongesteld of masturbatie mag, hoe moeten zij de dan weten dat een vraag over anale seks of dildo’s niet mag? Een ongemakkelijke vraag van de bijdehandste van de klas, geprikkeld door media, oudere broers of zussen, gemotiveerd door de kans om de show te stelen, kun je dus wel verwachten. 
 
Hier is het beter als de docent de vragen niet bestraft of te negeert (want zo creëer je meer spanning op het onderwerp). Probeer het niet persoonlijk op te vatten en zo mogelijk wetenschappelijk en netjes, te beantwoorden. Woorden zoals ‘neuken’ worden vervangen voor neutralere termen zoals ‘seks of vrijen’ en zo weinig mogelijk normativiteit of
gêne toe te voegen aan de feitelijke informatie. We gaan er ook van uit dat een kind dat er niet klaar voor is, informatie niet zal absorberen. Leg er daarom ook niet zo’n grote nadruk op.
De nadruk ligt namelijk vervolgens op het leren nadenken over de filosofische vragen. De details verliezen hiermee hun aantrekkingskracht.
 
Persoonlijke vragen kunnen makkelijk ontdoken worden: ‘Juf, heeft u wel eens een orgasme?’ kan worden beantwoord met: ‘Mijn persoonlijke leven doet er niet toe, maar bijna iedere volwassene heeft wel eens seks en orgasmes horen bij een gezond seksleven.’Kinderen vinden het te gek om seksualiteit te bespreken. Ook al roepen ze om het hardst ‘iieeeuww’ en ‘gatverdamme’, bij deze lessen vragen ze nog het meest wanneer we weer les hebben en waar het dan over zal gaan. En geef die leergierige kinderen eens ongelijk.
 
 
bron: http://filosoferenmetkinderen.blogspot.com
0 Comments

Leave a reply

Contacteer ons

We're not around right now. But you can send us an email and we'll get back to you, asap.

Sending

©2019 powered by Planet Polaris and PolarisCare

or

Log in with your credentials

or    

Forgot your details?

or

Create Account