Evolutie van waarden en normen

Gisteren was ik met Gys op de Distinguished Gentlemen’s Ride, een internationaal event waar gepassioneerde motorijders hun mooiste stalen rossen van stal halen, opblinken zodat je er een scheerbeurt kunt voor houden en zichzelf opkleden als de oeroude iconen van de gentleman uit het Britse oude establishment. Kortom, een motorit in kostuum voor het goede doel, compleet met monocle en zakhorloge, de baard gekamd en de snor in de reuzel gezet.

En terwijl ik daar laveerde tussen de 618 andere motorijders, all dressed up, dacht ik aan mijn insteek. Ik ben een neoliberaal, denk ik.

Moi d’abord.

En als het gaat, wil ik wel iets doen voor andere mensen, maar mijn eerste neiging is toch altijd om voor mij en de mijnen te zorgen. Omdat ik zo ben opgevoed. Ik geef niet aan bedelaars rondom de Nord, maar ja, dat zijn dan ook georganiseerde bendes die ’s morgens uitgezet worden en de krukken onder elkaar verdelen vooraleer ze hun territorium gaan innemen en de passanten bestoken met uitgestoken handen. Heel soms geef ik een koffiekoek aan een bedelaar die hier in de Veldstraat zit, ergens omdat ik hem hier regelmatig zie en ik weet dat het een dakloze is.

Mijn vrouwtje, die is 17 jaar jonger. Bijna een generatie en ja, soms is er een generatiekloof. Zij is veel meer sociaal, zij zal alles delen terwijl ze zelf nog te kort komt. Ze komt natuurlijk ook uit een gezin waar de papa overtuigd socialist was, terwijl ik uit een middenstandsmilieu dat per definitie blauw kleurde. Nu ja, socialistisch… al wie geeft is mijne vriend, zeggen ze in Gent.

Maar hoe naar mijn kinderen, wat geef ik hen mee?

Een lastige vraag: sinds mijn jeugd zijn we geglobaliseerd en niet alleen naar mensen, maar ook naar economie toe. Vroeger was een buitenlander in je buurt hebben iets opmerkelijks, behalve als je in de Brugse Poort woonde. Maar de wereld werd kleiner en kleiner en er kwamen steeds meer migranten hier wonen. Ik weet nog dat mijn grootmoeder kloeg dat er te veel moustafa’s rondliepen op de speelplaats. Ik spreek van de jaren zeventig. Kijk nu eens naar de speelplaats van een gemiddelde school? Een gezonde mix in Gent tegenwoordig is fifty-fifty, heel wat buurten zijn al meer gekleurd dan blank. Ik ben zelfs eens naar een school geweest waar er maar 10% Belgen waren, de 90 andere % waren van migantenafkomst. En temidden van deze nieuwe realiteit groeien mijn kinderen op. Ze kunnen zich relatief vrij bewegen tussen landen, grenzen vormen geen belemmering meer om over te gaan. Dus waar ik al min of meer raciaal ben opgegroeid moet ik mijn kinderen volledig genderneutraal opvoeden en compleet kleurenblind.

Uiteraard, hoor ik iedereen nu in koor roepen.

Maar ten op zichte van dertig jaar geleden is dat niet zo evident. Voor mij voelt dat ook gewoner aan, ik moet eerlijk zijn. Ik ben door mijn hobbies (passies zeg maar) met mensen in contact gekomen van over gans de wereld, ik heb op de universiteit veel gebabbeld met de Erasmus studenten, en later door mijn werk in een global organisatie zijn alle grenzen voor mij zowat weggevallen. Ik kan zonder schroom grappen maken met Indiërs, ik weet hoe ik moet omgaan met moslim vrouwen, ik kan overweg met Polen, Zweden en Fransen. Ik maak ook grapjes tegen hen, over hen, over de vooroordelen. Maar ik maak ook grapjes over domme blondjes, want ik ben zelf ook blond. Ik zie geen enkel probleem in een grapje te maken zonder te stofferen, veel hangt af van de intentie, vind ik. En de mijne is open.

Wat zijn we gegroeid en vooral, naar elkaar toegegroeid de laatste jaren! Nu kopen we zonder schroom van AliExpress via het internet. Dat ligt in China, stel je voor! We kopen om de goedkoop aan – letterlijk – de andere kant van de wereld! Mijn kinderen roepen al van beneden dat er een pakje is toegekomen van Alikekspres. Zonder dat er daar iets van verwondering rond is. Het is zonder meer normaal. Toen ik zo klein was, was het ronduit onbetaalbaar om iets te kopen van bijvoorbeeld de Verendige Staten en te laten overkomen.

De wereld is een stuk kleiner geworden, door internet, door gemakkelijker reizen, door vanalles. En ons kinderen zijn mee geglobaliseerd. Mijn kinderen groeien op in een wereld waar ze online kunnen chatten met iemand uit Hong Kong, goedkope spullen kunnen kopen in China, films zien uit de USA, kortom, de wereld ligt letterlijk aan hun voeten. Op school spelen ze met Afghaanse vluchtelingen die enkele maanden er voor nog de kogels ontweken voor hun deur, ze praten met Turkse derde generatiekinderen die Gent zien als hun thuis en Turkije als een exotisch onderscheid van hun familie, ze zien Afrikanen op de tram en kijken er over heen, het is zo gewoon geworden in ons straatbeeld. De papa verwondert er zich over. Hij kijkt nog met meer verwondering naar zijn kinderen die alles normaal vinden en zonder meer aannemen dan de shari’s of de burka’s.

Soms is het komisch als je bepaalde politici dan ziet opkomen voor de Vlaamse eigenheid. Ik ga hier geen politiek discours afsteken, maar wat is Vlaanderen? Vergelijk mij als Gentenaar niet met een Antwerpenaar. Ik voel geen greintje Vlaamse identiteit in mij. Zelfs mijn provincie is iets dat voor mij compleet fictief is. Ik ben Gentenaar! Belg? Enkel voor de belastingen, dus niets goeds persoonlijk. Ik ben Gentenaar en burger van de wereld. Gentenaar omdat ik fier ben op mijn stad en mijn taal. En voor nostalgische redenen. Vlaams? Hoeveel dialecten hebben we niet in Vlaanderen? Is er een eigen Vlaams ding? Ik weet het niet. Mijn kinderen supporteren voor de Gantoise als het voetbal is, ze denken dat de Rode Duivels ook de Gantoise is die speelt tegen Duitsland. Voor de rest hebben ze geen nood aan grenzen. Toch niet de politieke en sociale of economische. En ik, als papa, ga hun geen grenzen leren, niet naar geografie, naar cultuur, naar religie of naar socio-economische stand. Open naar iedereen.

Dan terug naar mijn begin statement. Net als mijn plaats in een nieuwe globale omgeving is verschoven, is ook mijn uitgangspunt van moi d’abord veranderd. Ik geef nu om mensen, andere mensen waar ik niets mee te maken heb. Dus ik doe nu mee aan benefiets. Heel bewust, ik ben me bewust dat ik er aan meedoe, want ergens roept mijn opvoeding mij ter verantwoording. Mijn vader heeft daar een heel mooi gezegde voor: aan goedheid gaat de wereld kapot. Als je iets doet voor een ander, zal dat altijd terugkomen en ontploffen in je gezicht.

Wel, paps, gisteren heb ik het tegendeel gezien: 619 motorijders hebben samen 21.077 euro opgehaald voor onderzoek tegen mannenziekten. Wereldwijd 113.000 rijders samen meer dan 5.6 miljoen dollar! De wereld is veranderd, ik hoop deze keer ten goede. Mijn kinderen denken niet alleen meer aan zichzelf, ze denken ook aan anderen, omdat ik hen dat leerde. Omdat ze mij het voorbeeld zagen geven dat ik me ook kan inspannen voor het goede doel zonder er zelfs iets voor in de plaats te krijgen.

Misschien maakt dit de wereld iets beter, ik hoop het.

Medocq

foto Franky van Bever

 

 

0 Comments

Leave a reply

Contacteer ons

We're not around right now. But you can send us an email and we'll get back to you, asap.

Sending

©2018 powered by Planet Polaris and PolarisCare

or

Log in with your credentials

or    

Forgot your details?

or

Create Account